Digitale geletterdheid & didactiek

Vrijdag 20 november

13.15 u. - Ellen Ervinck

Taalvaardigheid en literair inzicht versterken met parodie, satire en AI

Hoe werk je tegelijk aan taalvaardigheid en literair inzicht met AI, zonder het denken uit handen te geven? In deze sessie ontdek je een lessenreeks voor leerlingen van 16-18 jaar, waarin ze via Van den Vos Reynaerde inzicht verwerven in satire, parodie en literaire elementen zoals queeste en manque. Ze analyseren hoe Reynaert manipulatie inzet en vergelijken dit met de idealiserende kenmerken van de ridderroman, aan de hand van een instructievideo (NotebookLM). Vervolgens schrijven ze in groep een parodie in een hedendaagse context, waarbij Copilot fungeert als kritische denkpartner. Leerlingen evalueren en herschrijven AI-output en analyseren elkaars werk actief. De lessenreeks eindigt met reflectie op AI-gebruik en een interactieve Canva-app ter verankering. Zo combineert deze aanpak analyse, creatie en reflectie tot diep leren en sterke taalvaardigheid.

14.15 u. - Hannes Pype

Een multimediaal storybook of beeldverhaal maken voor leerlingen lager onderwijs

In deze sessie verkennen deelnemers hoe ze met Google Storybook rijke, multimediale verhalenboeken kunnen maken die geschikt zijn voor gebruik in de klas. Aansluitend leren ze hoe GPT Images 2.0 kan worden ingezet om beeldverhalen te genereren, bijvoorbeeld als visuele taalondersteuning of als differentiatietool voor leerlingen met uiteenlopende niveaus. Een centrale meerwaarde van beide tools is de mogelijkheid om te vertrekken van de inbreng van de leerlingen zelf: zo kunnen klassen coöperatief een verhaal schrijven  of zelfgemaakte afbeeldingen als vertrekpunt gebruiken. Op die manier krijgen leerlingen een actieve, creatieve rol in het maakproces, terwijl de leerkracht de regie behoudt over de tool en de pedagogisch-didactische omkadering. Naast de praktische mogelijkheden besteedt de bijscholing ook aandacht aan belangrijke principes rond privacy en auteursrechten bij het gebruik van generatieve AI-tools in een schoolcontext, en wordt een kader aangereikt voor een didactisch verantwoorde en effectieve aanpak. Deelnemers gaan vervolgens zelf aan de slag en krijgen voldoende tijd om te experimenteren met beide tools, zodat ze na de bijscholing meteen aan de slag kunnen. 

15.45 u. - Griet Bogaert

Kansrijk onderwijs in een digitale wereld

Weinig vakken voelen de digitalisering zo scherp als het jouwe. Artificiële Intelligentie die een tekst uit de mouw schudt, oefenapps die na elke klik groen of rood flitsen, zonder dat iemand nog moet nadenken waarom: net wat jij wil aanleren, nemen bepaalde tools moeiteloos over. Dat splitst de leraarskamer in twee kampen. Enthousiasme over de nieuwe mogelijkheden tegenover twijfel of er nog wel echt geleerd wordt. Allebei roepen ze even hard, en allebei hebben ze een punt.

In deze sessie kiezen we geen kant. We bekijken beide kampen met open vizier en belanden, je raadt het al, ergens middenin. Want de vraag is niet óf digitalisering werkt, maar voor wie. Diezelfde tool die het ene kind vooruithelpt, laat het andere achterophinken. En het weren van digitale tools geeft de ene leerling ademruimte, maar ontneemt de andere mogelijkheden die er thuis niet zijn. Zo raakt het debat aan gelijke kansen. Precies daar stellen we een paar vragen – sommige misschien wat ongemakkelijk – en we beantwoorden ze samen.

Geen do's-and-don'ts, geen tooltjeslijst, geen gelijk om mee naar huis te nemen. Wel een confrontatie met waar je je keuzes eigenlijk op baseert en een andere blik op digitalisering om mee te nemen naar de leraarskamer.

16.45 u. - Charlotte Struyve

Digitale vaardigheden in het tweede jaar secundair onderwijs in Vlaanderen. Conclusies en aanbevelingen op basis van ICILS 2023.

In deze sessie worden de belangrijkste resultaten voorgesteld van de Vlaamse deelname aan ICILS 2023 (International Computer and Information Literacy Study). Deze internationale studie onderzoekt in welke mate leerlingen digitale informatie kunnen opzoeken, verwerken en kritisch beoordelen, en hoe goed ze zijn in computationeel denken. In Vlaanderen werd daarnaast ook nagegaan hoe het gesteld is met de digitale vaardigheden van leraren zelf, op basis van toetsvragen, en de mate waarin ze met ICT aan de slag gaan in hun onderwijspraktijk. Tijdens de sessie worden deze resultaten toegelicht en wordt gereflecteerd over wat de bevindingen betekenen voor het onderwijsbeleid en de klaspraktijk in Vlaanderen.