Lerarenopleiding basisonderwijs
Vrijdag 20 november
13.15 u. Carolien Koopman
Sprookjes als sleutel tot sterk taalonderwijs
Er was eens… een mooi middel voor taalonderwijs dat al eeuwenlang meegaat: het sprookje! Nog altijd spreken sprookjes tot de verbeelding van jong en oud. Denk maar aan de laatste Disneyverfilmingen zoals Sneeuwwitje en De kleine zeemeermin, maar ook aan recente jeugdliteratuur zoals Krekel van Annet Schaap, waarin sprookjeselementen duidelijk terugkomen.
Sprookjes bieden verrassend veel kansen in de klas. Ze nodigen uit tot lezen, vertellen, schrijven, verbeelden en filosoferen. Vanuit mijn enthousiasme voor dit genre ontwikkelde en verzamelde ik diverse opdrachten bij sprookjes en ontdekte ik hoe rijk ze zijn. Bovendien bieden sprookjes volop mogelijkheden om te werken aan thematisch onderwijs, creativiteit, kritisch denken en andere 21e-eeuwse vaardigheden.
Tijdens deze workshop ontdek je hoe je sprookjes doelgericht en inspirerend kunt inzetten in je onderwijs. Je krijgt concrete voorbeelden, praktische werkvormen en inspirerende good practices aangereikt.
14.15 u. Evelien Gheeraert
De kracht van interactief voorlezen binnen de zorgwerking van een basisschool
In deze sessie delen we de aanpak en opbrengsten van het blended professionaliseringstraject TaKe In, Taal en kennis in (inter)actie. Met steun van Leerpunt ondersteunen Odisee, AP Hogeschool, Iedereen Leest en de Onderzoeksgroep Taal, Leren, Innoveren (Universiteit Gent) twintig basisscholen bij het versterken van de brede basis- en verhoogde zorg op klas- en schoolniveau. Interactief voorlezen staat hierbij centraal als evidence-informed methodiek om kwaliteitsvolle interactie te stimuleren vanuit rijke teksten en zo de taalvaardigheid en kennisbasis van elke leerling maximaal te ontwikkelen.
Opdat élke leerling van deze methodiek zou profiteren, is het belangrijk om de noden van de leerling in kaart te brengen en er goed bij aan te sluiten. Voor leerlingen met meer nood aan (taal)ondersteuning kan dit betekenen dat er wordt ingezet op preteaching, herhaald voorlezen, extra visuele ondersteuning... Bij leerlingen met meer nood aan uitdaging wordt meer verdiept. Wanneer partners binnen en buiten de school, bv. ouders, brugfiguren, leerondersteuners… samenwerken ontstaat een zorgrijk leesnetwerk.
Tijdens de sessie lichten we ook het online leertraject rond brede basis- en verhoogde zorg en interactief voorlezen toe. Zo kunnen vanaf volgend schooljaar alle schoolteams zich verder professionaliseren in het versterken van taal - en kennisontwikkeling met zorg voor elk kind.
(samenwerking met Iris Vansteelandt, Geertje Bluekens en Jona Hebbrecht)
15.45 u. Liselotte Vandenbussche & Marlies Algoet
Taalstimulerende competenties in de kleuterklas
We presenteren de concrete uitwerking en de eerste resultaten van het TACOS-project. TACOS (Taalstimulerende COmptentieS) is een FWO-project dat blended professionalisering voor (student-)kleuterleerkrachten rond het versterken van taalstimulerende leerkrachtcompetenties en het bevorderen van kwaliteitsvolle interactie in de klas onderzoekt. We bieden een inkijk in de TACOS-basisprincipes en -opbouw en in de innoverende online simulatietraining. We gaan dieper in op het cruciale belang van spreekdurf en schetsen de impact van de professionalisering door de resultaten van de metingen voor en na het project met elkaar te vergelijken.
16.45 u. Sara Verbrugge & Saskia Timmermans
Interbeoordelaarsbetrouwbaarheid als leerinstrument voor taalgericht observeren in de basisschool
Het observeren van talige interacties in de basisschool vraagt van leerkrachten in opleiding dat zij complexe klasmomenten consistent en nauwkeurig kunnen beoordelen. In deze presentatie tonen we hoe interbeoordelaarsbetrouwbaarheid (IRR) kan dienen als pedagogisch middel om studenten te ondersteunen in het ontwikkelen van meer scherpzinnige en transparante observatievaardigheden. Met het ORION‑instrument, dat systematisch registreert welke spreekkansen een- en meertalige kinderen in de klas krijgen en benutten, observeerden tien studenten live klasinteracties, terwijl tien peers dezelfde momenten op video beoordeelden.
Na individuele scoring vergeleken studenten hun beoordelingen en bespraken zij verschillen in interpretatie. Dit stimuleerde gerichte metacognitieve reflectie over hun beoordelingscriteria en besluitvorming. Voorlopige resultaten tonen dat beoordelaars vooral uiteenlopen bij items die subtiele inschattingen vereisen, zoals het onderscheiden van een korte reactie versus deelname aan een meer uitgebreide interactie. Deze verschillen maakten voor studenten zichtbaar waar hun beoordeling nog te ruim of te strikt was, en hielpen hen om bij vervolgobservaties correctere inschattingen te maken.
Daarnaast leidde de gezamenlijke analyse tot concrete voorstellen om kinderen met beperkte spreektijd actiever te betrekken in de klas. De resultaten suggereren dat IRR‑gebaseerde dialoog een waardevolle bijdrage levert aan het verbeteren van observatiekwaliteit en aan het koppelen van screeningsgegevens aan doordacht taalpedagogisch handelen in de lerarenopleiding.